Computervirussen: van digitale graffiti naar geopolitiek wapen

0
9

Het eerste computervirus liet nog keurig weten wat je ertegen moest doen. De Pakistaanse broers Basir en Amjad Farooq Ali hadden ‘Brain’ in 1986 ontwikkeld om hun medische software te beschermen tegen piraterij. Wie een illegale kopie had, kreeg een boodschap te zien: “Pas op voor dit VIRUS, bel ons voor een vaccinatie”, met een telefoonnummer in Lahore erbij.

“Virussen zijn inmiddels doorgeëvolueerd”, zegt kunstenaar Bas van de Poel. “Eerst waren het vooral pranks onder computernerds, tegenwoordig zijn ze uitgegroeid tot een geopolitiek wapen waar diverse overheden ongelimiteerd budget en mankracht in steken.”

Die ontwikkeling, de schoonheid en complexiteit van computervirussen staan centraal in de tentoonstelling Malware: Symptoms of Viral Infection in designmuseum Het Nieuwe Instituut in Rotterdam. “Ik bewonder de intelligentie die verborgen zit in die abstracte codes.”

Kleine kunstwerkjes

De eerste computervirussen vergelijkt Van de Poel met kleine kunstwerkjes, digitale graffiti. “Het begon met een hele reeks visuele virussen. Het besturingssysteem MS-DOS gebruikte alleen tekst, geen plaatjes. Binnen die beperkte mogelijkheden zocht men de grenzen op van wat esthetisch mogelijk was.”

“Je had het LSD-virus, wat een hallucinogeen effect produceert met een textdump in allemaal kleuren. Of Coffeeshop, een van de eerste vormen van hacktivism: daar krijg je een 8-bit marihuanablad op je desktop te zien met de tekst ‘Legalize cannabis’. Mars Land geeft een voor die tijd realistisch 3D-model van een Marslandschap.”

In een tijd dat virussen nog via floppydisks werden verspreid, waren grote uitbraken zeldzaam. Ontwerpers wisten detectie te voorkomen door virussen in tijdbommen te veranderen. CRASH uit 1990 was alleen elke vrijdag de dertiende actief, HHnHH werd geactiveerd als de gebruiker op een maandag een bepaalde toetsencombinatie intikte.

Dat veranderde met de komst van mailwormen. Door zichzelf onmiddellijk via adresboeken door te kopiëren, schoten virussen als Melissa en ILOVEYOU de hele wereld over. Van de Poel wijst erop dat ontwerpers slimmer werden: om virussen te activeren ging men de gebruikers slim verleiden.

“Bij dat social engineering is de mens de zwakste schakel. Je ziet het bijvoorbeeld bij het Anna Koernikova-virus, geschreven door een Nederlandse jongen. Dat beloofde een plaatje van die aantrekkelijke tennisspeelster/bikinimodel. Mensen waren geneigd erop te klikken. De gebruiker werd dus bespeeld door de ontwerper.”

Doordat de wereld via internet steeds meer verbonden raakte, liep ook de schade door virussen op. Inmiddels zijn er meer dan een miljoen virussen bekend, honderden miljoenen computers raakten besmet, de schade loopt in de miljarden. Criminele organisaties ontwikkelden het tot een verdienmodel: er moet losgeld worden betaald als je niet wilt dat je zoekgeschiedenis gepubliceerd wordt, of je bestanden versleuteld blijven.

Ook overheden ontdekten de mogelijkheden. In 2009 wurmde Stuxnet zich door de Iraanse kerncentrale Natanz. Het wordt gezien als een bijzonder succesvolle aanval van Israël of de VS. NotPetya ontregelde in 2017 Oekraïne door ziekenhuizen, banken en overheidsdiensten plat te leggen. Rusland wordt genoemd als oorsprong van de cyberaanval.

“Virussen zijn relevanter dan ooit. Het is nu zover dat digitale virussen serieuze consequenties hebben voor de fysieke wereld. Doordat we steeds afhankelijker zijn van technologie, zijn we ook kwetsbaarder.”

“De hele terminologie rond computervirussen is ontleend aan de aids-hysterie uit de jaren 80: symptomen, besmet, infectie. Maar in de toekomst zal het daadwerkelijk gevolgen hebben voor onze gezondheid. We dragen steeds meer technologie op en in ons lichaam. Er is al eens malware aangetroffen op pacemakers die het hart stimuleren. Je zou tegenwoordig kunnen zeggen dat wat ooit digitaal begon is inmiddels is geworden tot een fysiek virus.”

Bron: NOS.nl

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

15 + een =